2 november 2006 - Afscheiding en opslag van CO2 kan een belangrijke rol
spelen bij het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen als gevolg van
het gebruik van fossiele brandstoffen. ExxonMobil neemt daarom deel aan een
nieuw Europees onderzoeksinitiatief, dat tot doel heeft te bepalen in hoeverre
het scheiden en opslaan van kooldioxide kan bijdragen aan het terugdringen van
de uitstoot van broeikasgassen.
ExxonMobil verleent technische expertise en ondersteuning en investeert ruim
één miljoen euro in dit CO2ReMoVe
-project, dat onder auspiciën van het Directoraat-Generaal Onderzoek van de
Europese Commissie wordt uitgevoerd.
De komende vijf jaar wordt in het kader van het CO2
ReMoVe-project een aantal verschillende technologieën om CO2 op te slaan
onderzocht, specifiek in de Noorse Sleipner- en Slohvit -velden
in de Noordzee, het Algerijnse In Salah en het Duitse Ketzin .
ExxonMobil heeft een aandeel in het Sleipner-veld, waar sinds 1998 per jaar
meer dan één miljoen ton CO2 is opgeslagen.
CCS houdt in dat CO2 wordt afgescheiden, vervolgens in gecomprimeerde vorm
getransporteerd en tenslotte opgeslagen in geologische formaties. Deze methode
kan een belangrijke impact hebben op de hoeveelheid broeikasgasemissies,
aangezien zij toegepast kan worden in veel grote productie-eenheden,
voornamelijk elektriciteitscentrales. Het International Panel on Climate
Change schat dat deze bronnen verantwoordelijk zijn voor ca. 60% van de
wereldwijde uitstoot van kooldioxide.
ExxonMobil loopt voorop in het gebruik en de verdere ontwikkeling van
CO2-afscheiding en -opslag (CCS)-technologie. Sinds
lange tijd past de onderneming CCS op industriële schaal commercieel toe bij
het winnen van olie en gas door vrijkomende CO2 af te vangen en weer terug te
pompen. Dit helpt ook bij het optimaliseren van de oliewinning en andere
operaties. Een kernonderdeel van ExxonMobil's bijdrage aan het CO2ReMoVe
-programma is daarom het ter beschikking stellen van specialisten die zich
binnen ExxonMobil bezighouden met research op het gebied van olie- en
gaswinning.
Naast ExxonMobil nemen andere industriële bedrijven deel aan het
CO2ReMoVe-programma, waaronder BP, ConocoPhillips,
Schlumberger, Statoil, Total, Vattenfal en Wintershall. Ook het Internationaal
Energie-Agentschap participeert, evenals DNV (een organisatie die onder meer
is gespecialiseerd in risicomanagement in de olie- en gasindustrie) en een
aantal nationale en academische onderzoeksinstellingen. De Europese Unie
draagt acht miljoen euro bij aan CO2ReMoVe,
terwijl zeven miljoen euro wordt gedoneerd door de andere deelnemers. Het
project wordt gecoördineerd door de Nederlandse kennisorganisatie TNO.
Behalve aan CO2ReMoVe neemt ExxonMobil actief
deel aan klimatologisch onderzoek en aan de ontwikkeling van technologie om
klimaatverandering tegen te gaan. ExxonMobil is hoofdsponsor van het Global
Climate and Energy Project (GCEP) van de Universiteit van Stanford in
Californië. Dit is een langlopend internationaal onderzoeksprogramma dat tot
doel heeft versneld een reeks van nieuwe commercieel toepasbare technologieën
te ontwikkelen die wereldwijd de uitstoot van broeikasgassen kunnen helpen
verminderen. Onderzoek naar CCS-technologie vormt een belangrijk onderdeel van
GCEP. De Technische Universiteit Delft en het Energie-Onderzoeks-Centrum in
Petten (ECN) nemen hieraan met eigen CCS-projecten deel.
CCS is ook voorwerp van andere door ExxonMobil gesteunde
research-initiatieven, zoals het broeikasgas-onderzoeksprogramma van het
Internationaal Energie-Agentschap en specifieke projecten van het
Massachusetts Institute of Technology (MIT) en de Universiteit van Texas. Ten
slotte verricht ExxonMobil ook zelf onderzoek naar CCS- technologieën ter
ondersteuning van de commerciële activiteiten van het concern.
|